Selecteer een pagina

Tijn Elferink

Journalist • Schrijver • Spreker

Steeds meer ‘tweelingpolissen’: nagenoeg dezelfde verzekering, maar wel 20 euro goedkoper

door | 30 dec 2021

Steeds meer zorgverzekeraars bieden naast hun reguliere polis een goedkoper ‘broertje’ aan. Deze verzekeringen verschillen inhoudelijk niet veel van het hoofdmerk, maar zijn vaak een stuk goedkoper. Het prijsverschil kan oplopen tot honderden euro’s per jaar. Toezichthouder NZa spreekt van een onwenselijke situatie, maar verzekeraars voelen zich gedwongen.

Een zorgverzekering bij hetzelfde hoofdmerk met nagenoeg dezelfde polis, toch betaalt de een honderden euro’s meer dan de ander. Daarvoor heeft Zilveren Kruis zijn alternatief Ziezo, Menzis heeft vechtlabel VinkVink, VGZ heeft Bewuzt en CZ biedt ook Just aan. Inhoudelijk verschillen de zorgpolissen amper, wel zijn de verschillen in prijs groot. ,,Het verschil kan oplopen tot ruim 20 euro per maand”, zegt Mirjam Prins, expert zorgverzekeringen bij vergelijker Independer. 

Poliswildgroei

Het aanbod is nodeloos complex en dat maakt het voor consumenten erg ingewikkeld, stelt Erik Bloem van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). ,,Het zijn vrijwel dezelfde polissen, alleen met een andere wikkel eromheen, een andere prijs en gericht op verschillende mensen. Verboden is niet, onwenselijk is het wel en daarom moeten zorgverzekeraars consumenten wijzen op deze polissen die bijna hetzelfde zijn en verschillen in prijs.”

Rechtvaardigen die kleine verschillen in de polis een premieverschil dat op jaarbasis kan oplopen tot 250 euro? De verschillen tussen het hoofdlabel en het vechtlabel hebben invloed op de kosten, zegt Van de Ven. ,,Maar waarschijnlijk is dat kostenverschil kleiner dan het premieverschil.”

Race to the bottom

Het is volgens Van de Ven dan ook waarschijnlijk dat de zorgverzekeraar met deze tweelingpolissen gezonde verzekerden zoekt waar de verzekeraar vanwege de risicoverevening aan verdient. Het is een race to the bottom: zodra één zorgverzekeraar begint, moeten de anderen wel volgen. ,,Anders gaan alle gezonde mensen naar de concurrent en blijf jij achter met de ongezonde mensen.”

De meeste marketinginspanningen zijn gericht op financieel gunstige groepen, concludeert Marco Varkevisser, hoogleraar Marktordening in de Gezondheidszorg aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Hij onderzocht meer dan tweehonderd marketinguitingen uit vorige het overstapseizoen.

Het is een interne worsteling of we hierin meegaan, erkent Marie-José van Gardingen van CZ. ,,We hoeven er niet beter van worden. Maar als andere zorgverzekeraars het wel doen, worden we er wel slechter van.”

Jaarlijks introduceren zorgverzekeraars nieuwe merken en labels, zo blijkt uit cijfers van Independer. Voor komend jaar bieden verzekeraars 37 verschillende naturapolissen, waarbij gecontracteerde zorg vergoed wordt. Dat is ruim een kwart meer dan de 29 die vijf jaar geleden werden aangeboden.

De laatste nieuwkomer is VinkVink van Menzis. ,,Wij zijn vorig jaar klanten verloren”, zegt Corine Rodenburg van Menzis. ,,We zijn gaan kijken: wie zijn weggegaan en waarom? Om die groep te bedienen hebben we VinkVink geïntroduceerd.”

Voordeel van een nieuw merk

Een nieuw merk heeft zo z’n voordelen. Voor bestaande merken moet de verzekeraar uiterlijk zeven weken voor het einde van het jaar de premie bekendmaken. Omdat een nieuw merk geen verzekerden heeft, kan het concern wachten tot alle concurrenten de prijzen bekend hebben gemaakt. Daardoor kan het nieuwe merk net onder de goedkoopste concurrent gaan zitten, met veel instroom van prijsbewuste en vaak gezonde verzekerden tot gevolg. De NZa vindt dat er daarom sprake is van oneerlijke concurrentie.

Opvallend aan tweelingpolissen is ook dat het aanbod aan aanvullende verzekeringen bij het vechtlabel veel beperkter is dan bij het hoofdmerk. Uitgebreide aanvullende verzekeringen kunnen wel in combinatie met de basisverzekering van Zilveren Kruis en niet met die van Ziezo.

,,Dat is dit een zeer effectieve manier van risicoselectie”, zegt Van de Ven. ,,Op vergelijkingswebsites kiezen gezonde mensen vaak geen of een beperkte aanvullende verzekering. Chronisch zieken zullen eerder voor een uitgebreide aanvullende verzekering gaan. Gevolg is dat zij de goedkope polissen niet te zien krijgen.”

Onschuldige risicoselectie

,,Het is gelukkig een vrij onschuldig vorm van risicoselectie”, zegt Van de Ven. Behalve het verschil in premie lijkt deze vorm volgens hem geen verdere nadelen te hebben. Volgens de hoogleraar is het goed en zelfs wenselijk dat verzekeraars inspelen op de voorkeuren van verzekerden.

,,Wij zien het als schadelijk”, stelt Van Gardingen van CZ, een verzekeraar die toch meer dan andere zorgverzekeraars met hoge kosten blijft zitten na de zogenoemde risicoverevening, de constructie om zorgkosten zo eerlijk mogelijk te verdelen. ,,We zeggen niet voor niets steeds tegen het ministerie: verbeter die risicoverevening, dan ben je hier vanaf. We hebben een prima zorgstelsel, maar hier gaat het mis.” Menzis vindt de situatie onwenselijk en pleit ook voor aanpassing van dit systeem.

Het is volgens Van de Ven van belang dat de verschillen voor de consument helder zijn. ,,Dat is nu niet het geval, daar ligt een taak voor zorgverzekeraars en vergelijkers.” Prins benadrukt dat Independer bij het vergelijken daarom niet alleen naar de prijs kijkt. ,,Om het beste advies te geven, speelt klanttevredenheid en het aanbod van zorgverleners ook mee.”